Entre Deux Monts, parel van het Heuvelland.

Zaterdag trokken we met de wijnklas richting Ieper voor een bezoekje aan één van de meest toonaangevende wijndomeinen in ons landje. We kregen een rondleiding en degustatie van de wijnmaker zelf.

De bijzonder sympathieke Martin Bacquaert studeerde landbouwingenieur in Gent (aan de “coupure”) maar werd door de wijnpassie gegrepen en trok ondermeer naar Montpellier en Bordeaux om zich te scholen tot wijnbouwer. Zijn eerste stage deed hij in Entre Deux Mers, dit was één van de aanleidingen (naast de twee bergen en de nabijheid van de Franse grens) om later het domein Entre Deux Monts te noemen. 

Martin bij het gebouw met nieuwe logo

Vader Yves Bacquaert plantte in 2005 de eerste 3 ha wijnstokken, vandaag beschikt men over bijna 20 ha, waarvan er 4 gelegen zijn op 15 km afstand van het wijngoed, net buiten de BOB (Beschermde OorsprongsBenaming). Het wijngoed zelf ligt mooi beschut tussen de Zwarte en de Rode Berg in de BOB Heuvelland.
De bodem van de voormalige akker van Martins grootvader bestaat vooral uit ijzerzandsteen, silex en zandleem, toch wat steenachtig dus, wat interessant is voor de drainage.
De kerk van West Outer is trouwens volledig opgetrokken uit ijzerzandsteen. Doet qua verhaal dus wat denken aan de tuffeau in de Loire waar menig kasteel is mee opgebouwd.

Silex
Ijzerzandsteen

Men koos voor vroegrijpende druivensoorten zoals de auxerrois, pinot gris, pinot noir, chardonnay, kerner en sieger. Uiteraard werden die gekozen met ons klimaat in het achterhoofd. Is de opwarming van de aarde dan geen probleem? Martin Bacquaert antwoordt dat de matigende invloed van de zee hier een enorm voordeel is. In de hete dagen van de zomer is het koeler, in de lente heeft men minder last van vriestemperaturen. Ook de hellingen zijn een voordeel, de koude zakt als het ware naar beneden. Tenslotte geeft ook de goedgemaaide bodem extra warmte af. Geen rampzalige verliezen dus bij Entre Deux Monts, zoals in bepaalde streken in Frankrijk regelmatig het geval is. 
Wat wel een verschil is met pakweg Frankrijk, is de hoogte van de stokken. De palen die de wijn geleiden zijn tot 2,20 meter hoog, zoals op de foto te zien is. Zo krijgen de bladeren meer zon, met meer suikerproductie als gevolg. Het vraagt heel wat werk en geduld om de bladen telkens te leiden, maar het resultaat is ernaar.

Er wordt doorgaans geoogst tussen eind augustus en eind september. 2020 was een héel vroeg jaar, men begon de oogst al op 1 september. Men oogst deels handmatig, deels machinaal.
Ondertussen zijn er vijf mensen vast in dienst van het domein, in bepaalde periodes zijn er uiteraard extra helpende handen.
Men werkt sustainable, dit wil zeggen dat men heel erg rekening houdt met de koolstof voetafdruk. 30% van de voetafdruk van een wijndomein zit in de verpakking (flessen en dozen) en daar doet Entre Deux Monts het een stuk beter. Ook heeft men voor extra isolatie gezorgd, men heeft zonnepanelen geplaatst, het snoeimateriaal wordt verhakseld en teruggegeven aan de bodem, er staat overal gras tussen de stokken, wat ook zorgt voor meer CO in de bodem, enz…
Men produceert ondertussen zo n 120duizend flessen per jaar. 

In de kelder werkt men zo zuiver mogelijk. De druiven gaan zonder ontstelen direct naar de pneumatische pers. Men ontsteelt niet om aldus minder bezinksel te hebben en puurder sap te bekomen. De trossen in de pers zorgen ook voor een goed drainage effect (bij ontstelen bekom je meer een soort vaste koek).
Het troebele, geperste druivensap wordt vervolgens uit de pers naar een grote tank gepompt en zal daar eerst een nachtje rusten, waarbij de vaste deeltjes naar de bodem zakken (debourbage). Dan wordt het zuiverdere sap naar een andere cuve gepompt en begint te gisten. Van de droesem wordt Eau de vie gemaakt. 
Er worden bij het zuivere druivensap meestal natuurlijke gisten toegevoegd. Dit zijn gisten van andere wijndomeinen die vermeerderd zijn, ze komen bij Entre Deux Monts van een biodynamisch domein in de Loire. De cuve waarin de gisting plaats vindt is een dubbelwandige tank waarbij de koelvloeistof ervoor zorgt dat het gistende sap (waarbij suikers worden omgezet in alcohol en er warmte vrijkomt) een temperatuur blijft behouden rond de 15 a 20 graden. Het gistingsproces duurt 2 à 3 weken.
Vervolgens wordt de wijn overgepompt naar een ander vat waarin hij zal rusten en stabiliseren.

Voor de schuimwijnen neemt men in december stalen van alle vaten om dan te assembleren en in januari te bottelen en gist toe te voegen. Vervolgens blijven deze wijnen minstens 15 maanden sur lattes. Niet alle wijnen worden op hetzelfde moment gedegorgeerd, dat is praktisch onmogelijk. De mise sur lattes kan aldus oplopen tot zelfs 28 maanden, wat wel voor wat flessenvariatie kan zorgen. Men beschikt over een cuve van 6000 liter reservewijn die elk jaar wordt gebruikt én bijgevuld. De Wiscoutre bevat gemiddeld 15% reservewijn, de Bacquaert Brut tot 30%.

De droge wijnen rijpen soms verder op eikenhouten vaten, deels nieuw. Men gebruikt enkele Amerikaanse vaten, maar ook vaten uit de Maconstreek, van tophuis Domaine Ferret in Fuissé, en van Chateau de Jacques in Moulin a Vent. Men assembleert altijd, zodat té zware houtaccenten worden vermeden.

Tijd voor de degustatie op het schitterende terras.
De Wiscoutre (chardonnay + kerner, 15 maanden sur lattes) was minder droog dan ik me van eerdere flessen herinner. Toch had hij een heel fijne sprankeling met frisse zuurtjes, wat gisttoetsen en agrume (pompelmoes) in de afdronk. Deed me denken aan de betere Prosseco.

De iets krachtigere Bacquaert toonde meer body, had ware Champagne allures.

Er volgde een witte wijn met de naam “Pinot”, een mix van pinot gris, pinot auxerois en chardonnay (een kruising tussen pinot noir en gouais blanc). Een redelijk intens aroma met florale toetsen en agrume, droog in de mond maar met een mooie rondeur, iets exotisch in de afdronk. Perfect bij coquilles….

De Kerner 2018 was een totaal andere wijn, minder fruit maar eerder zoethout en zelfs champignons, een licht oxidatief toetsje ook. Sommigen maakten de vergelijking met een wijn uit de Jura. Jammer genoeg is dit de laatste jaargang voor deze originele wijn, de druiven gaan naar de Wiscoutre vanaf volgend jaar.

Dit geldt ook voor de pinot noir. Nochtans vond ik dit een heel frisse, lichtvoetige wijn, die me erg deed denken aan een Elzas pinot noir.

De Chardonnay 2019 (houtgelagerd) had een rijk aroma van peer en vanille en wat aardse toetsen. In de mond was de wijn light tot medium bodied, zit mooi in zijn zuren. Hier had ik iets meer volume verwacht maar deze wijn is een uiterst geschikte tafelgenoot voor allerlei visgerechten.

We hadden geluk, vanaf 29 mei opende Martin een soort “zomerbar” op het domein. Een aperobox en heerlijk wijntje op de hellende weide met een subliem zicht op Westouter, we kunnen het u alleen maar aanraden.

De zomerbar

Dank aan Martin Bacquaert voor de rondleiding en degustatie, en kudos voor zijn uitmuntende werk op deze prachtige locatie.

Bandol is mijn Daniella

Vorige week, wandelend naar huis.

Het geboor van bouwvakkers en daartussen flarden luide muziek.

Ik ontwaarde plots de tonen van “Please don t go” van KC and the Sunshineband.

De song waarbij ik het 40 jaar geleden waagde om de Limburgse schone “Daniella” op de dansvloer mee te vragen.

Torrrevieja, 1980.

Toen werd er nog geslowd.

Daniella werd m’ n eerste (vakantie)liefje. Een wulpse zwartharige schoonheid.

Ik had de dag ervoor pas leren tongzoenen op het strand…(bij een spelletje waar je een sigaret moest doorgeven en bij wie de asse viel moest een “opdracht” uitvoeren. Het was de hoogblonde – toen mochten we nog rosse zeggen- Sandra die me de kunst van het tongdraaien aanleerde. Ze was al de hele week nogal horny naar dit moment aan het uitkijken had ik het gevoel…

Ik vond er niks aan.

Tot ik dus de avond erop stond te schuifelen op de tonen van Babe, I love you sooo, I want you to know…met mijn armen omheen Daniella.

Waarom vertel ik dit hier nu?

Wel, je eerste liefde zal je altijd bijblijven.

Ondanks het feit dat de Limburgse schone mijn verlegen brief richting Oostkantons nooit beantwoordde zal ik haar nooit vergeten.

Dit geldt ook in de wijn.

Bandol is mijn Daniella.

In 2003 had ik in het gezelschap van mijn buurman een ongelooflijke aha erlbnis toen we onze eerste Bandol samen proefden. Vannieres 1997. Ik had de fles gekregen van iemand uit de Gentse wijngilde die wist dat ik met wijn bezig was. We dachten toen dat Bandol een soort landwijntje was. Tot we roken en proefden. We werden er bijna high van. Vanaf toen kreeg mijn passie een boost van jewelste.

Het jaar erop boekten we onze vakantie naar Bandol…Het werd de eerste van 4 fantastische Bandolreizen. Ik bezocht ondermeer Gaussen, Suffrene, Vannieres uiteraard…maar ook Domaine de Terrebrune. Dit domein ligt wat bezijden de centrale streek (waar de topdomeinen op een zakdoek geconcentreerd zijn), in Ollioules, dicht bij de zee en behoorlijk hoog gelegen.

Men noemt dit de meest Bourgondische Bandol.

Nochtans dachten de proevers bij de Terrebrune 2011 (topjaar in de streek) allen aan een cru classe uit de Medoc.

Schitterend aroma van zwart fruit en specerijen, het deed me persoonlijk eerder aan een Chateauneuf denken.

In de mond nochtans niks alcoholisch, enorme lengte, voelbare maar gedistingeerde tannines en een lange afdronk.

Het was 00.00 uur gepasseerd maar deze wijn hield ons fris en monter.

Puur genieten van dit heerlijk goedje.

Ik vraag me af of Daniella me ook nog zo zou smaken.

2004, mijn kindjes, een beetje moe van een wijnbezoek bij Domaine de Terrebrune.

Moderatorvergadering in coronatijden

Gisteren een moderatorvergaderingske zónder special guests. Ja, wij lopen hier in het Gentse altijd wat voor op de rest van het land en ook op de coronamaatregelen van de regering, vandaar. (mocht gans Belgie dat gedaan hebben zaten we nu niet wederom in de sh** 

Rolleyes

 )

Gezien de zon kwam piepen op t moment dat we begonnen met het uitvoeren van onze moderatorplicht kwam een roseetje goed van pas.
Oli was eerder al heel enthousiast geweest over de witte van Chateau Romanin, en in de roséversie van deze zuivere wijn (bio verplicht in de aop!) vonden we naast amandel en agrume alweer de schitterende balans terug die ook de andere wijnen van dit topdomein vertonen. Miste nét iets van complexiteit om te wedijveren met het beste van Bandol (lees Tempier, Pibarnon, Terrebrune,..) maar kon ons zeer bekoren.

Mijn partner in t forumkraam (én partner in crime) schonk vervolgens een wijn die, wanneer je hem naar je reukorgaan bracht, een soort kramp in de arm veroorzaakte waardoor het heel moeilijk was om je glas weer van je neus weg te halen. Wat een heerlijk snuffelneusje, na 10 minuten had ik nog steeds geen slok genomen (en ik had nochtans veel dorst..)
Deze Morgon VV 2016 van Anthony Thevenet liep over van de bloemetjes en het fris rood fruit, in de mond excelleerde hij in evenwicht en fraicheur. Het leek wel alsof er constant een frisse wind waaide tussen de vloeistof en je tong en gehemelte. We merkten een lekkere vegetaliteit op (slechts gedeeltelijk ontsteeld?) die mede deze fraicheur hielp in stand houden. Deze wijn was van het niveau van een Chamonard en Foillard en had ook iets Bourgondisch. Dat vonden we allebei niet erg.

Ik had een sterk vermoeden dat de wijn die ik vervolgens zou inschenken pérfect zou volgen op de vorige. 
Ook deze had een subtiele neus, met mineraliteit (grafiet), klein rood fruit, wat hout (vanille) en tabak, een echte charmeur. Oli dacht aan een Bourgogne met een Ahr touch (Bertram), of een Ahr met sterke Bourgognetoets (ook Bertram). Het was duidelijk dat hij vooral met Julia Bertram in zijn hoofd zat, maar ik kon de link naar de wijn wel volgen. Er was ook een Bourgondische aarsheid volgens Oli, maar hierop ben ik niet verder ingegaan. 
We dronken de topcuvée van Dominique Gruhier, L Âme des Dannots 2015.
Schoon marchandise uit Leuven!

Om ernaast te drinken had ik bewust gezocht naar een Bourgogne van hetzelfde jaar en ongeveer dezelfde prijs, maar uit een klassiekere streek, en had die gevonden in de pinot noir Grand Chailot van Hubert Lignier, toch wel een grote naam uit de Cote d ‘ Or.
De neus was minder verleidelijk met een ingetogen koelheid, aardse toetsen (schors en bos, leder ook), met iets minder fruit dan de vorige, vleziger, minder frivool maar meer karakter.

Er was eigenlijk een groter verschil tussen deze 2 Bourgognewijnen dan tussen de Gruhier en de Thevenet, maar beide wijnen tonen hoe goddelijk mooi pinot noir kan zijn als er wijn van gemaakt wordt door een gedreven wijnbouwer.

Over gedreven wijnbouwers gesproken, ook Alvaro Palacios behoort tot die categorie. Overal waar deze door Decanter tot wijnmaker van het jaar 2015 uitgeroepen vakman aan het werk gaat slaagt hij erin om wijnen te maken die tot de beste van de streek behoren. Na Priorat (Ermita) en Bierzo trok hij naar de meest klassieke aller Spaanse wijnstreken, de Rioja.
Ik kreeg dus een Rioja in mijn glas, stak mijn neus erin en wist onmiddellijk wat het was.
Saint Joseph! 
Tja, die peper, da s zó typisch, ik voelde me een beetje verlegen dat ik zo snel al kon zeggen uit welke streek Oli zijn wijn kwam. Naast de peper roken we een waaier aan andere aroma s, floraal, gerookt, mineraliteit en rijp maar fris rood fruit.
De eerste slok leek wat op de Belgische regering (onsamenhangend) de tweede was al veel mooier. Ook hier veel fraicheur, deze gulle wijn bleef enorm fris, ook dankzij een een subtiel frisgroene toets die de de ruggengraat van fruit een mooie spanning gaf. De tannines konden gewoonweg niet mooier rijp zijn. Een minuut na inslikken kreeg je er nog wat frambozen gratis bovenop, alsof je nog niet genoeg overtuigd was van de klasse van deze wijn.
Zoals gezegd, een topper uit de N Rhone voor mij.
Palacios, Propiedad, Rioja 2017
Caramba, garnacha!

Volgend glas. 
t Is geen speeddate maar een speeddegustatie.

In de neus eerst wat eenvoudig maar komt open bij walsen. Vooral blauwe bes, fijne rode zure kersjes, wat peper, viooltjes, kruidigheid. Een totaal ander aromapallet dan de vorige wijnen maar ook hier volop snuffelen.
Heel precies in de mond, olieachtig maar strak, heel fijne zuurtjes, klievend (volgens Oli), een licht bittertje naar het einde toe. Na inslikken wat droog maar zeker niet storend. 
Spannend in de mond, boeiend in de perceptie. 
Schoon!! Beter dan vele (wellicht te jonge) Barolo s die ik al dronk.
Oli twijfelde, en wist alvast zeker dat er alcohol in de wijn aanwezig. 
Ja die kent er wat van, blij dat hij in mijn team zit!

Ik geef even de gedachtengang van Oli weer: 
Voor wie zich daar ongemakkelijk bij voelt, er werd goed gemodereerd!

“Hmmm, de druif….”
Hij sloot de saparavi alvast uit. 
“Of misschien de streek…
Mocht het Frankrijk zijn N Rhone
Mocht het portugal zijn Baga..
Spanje? Bierzo (mencia)
Italie? nebiolo…
Met de tijd toonde de wijn meer rood fruit, kersjes ook… aglianico maar dan zou t minder fijn zijn en minder spanning…
Maar wat ik nu gewaar word…hoe langer de wijn open staat hoe meer rood fruit en..toch wel hoe meer tannines…
De enige die dat kan hebben is…Nebiolo!!”

Een welverdiend applaus was zijn deel. Maar ik had mijn glas vast dus dat kon niet.

t Was trouwens nebiolo met een klein percentage andere druiven uit de streek, Boca (noord Piemonte). Le Piane Mimmo 2013
Niet de eerste keer dat we een nebiolo die niét uit de streek rond Barolo komt heel erg lekker vinden.
En we zijn de laatsten om hier op t forum reclame te maken, maar dit is dus wel de tweede voltreffer van het aanbod van Leuvin. (Oli dronk blind, en ikzelf heb geen cent korting gekregen op deze wijn dus zeer streng beoordeeld, tweede dag, tijdens het schrijven van dit verslag, smaakte ie me nog meer, de tannines vielen trouwens mínder op, verrassend.)

Weder mijn beurt om blind te proberen een wijn thuis te brengen. Mijn gedachtengang zal ik echter, ter vrijwaring van het voortbestaan van dit forum, niet integraal publiceren.

Specerijen, peper alweer, iets tussen rood en zwart fruit, aardbei/cassis, heerlijk hedonistische neus. In de mond geen enkele weerbarstigheid, zijdezachte tannines, alweer een enorme fraicheur (is dít dan het kenmerk van wijnen op een rootday? Je zou het gaan denken,)
Hier wel degelijk wederom de kenmerken van N Rhone, ik durfde het tóch aan om dit te opperen.
Domaine de la Ville Rouge, Cuvee Paul, Crozes Hermitage 2014

Oef, juist deze keer, mijn ego was gerust gesteld. Zeeer zeer mooie wijn en PQ gewoonweg top (18 euro te wijnbeurs Lille).

De Chateau de Lamarque Haut Medoc 2016 die ik daarna schonk (ik wou weten of mijn eerste (top)ervaring met deze wijn correct was of eerder te wijten aan de 5 dagen dat mijn vrouw weg was op fietstocht) kon de hoge verwachtingen niet volledig inlossen. Het aroma was mooi maar in de mond was hij weerbarstiger dan de eerste fles die ik hiervan vorige week opende. Ik twijfel nog of ik de extra bestelde flessen ga ophalen, maar denk toch dat ik zal zwichten voor mijn tavco…)

We eindigden met twee heerlijke witte wijnen.

Von Hövel Scharehofberg, riesling auslese, Saar 2011
Hoho, vederlicht en toch lang en complex, zoveel beter om mee af te sluiten dan een Sauternes…

Of nee, nóg beter om mee af te sluiten is een niet geouileerde savagnin, de Grand Reserve 2014 van Aviet.

Tien wijnen geproefd, we vonden dat we voldoende onze voorbeeldfunctie hadden vervuld.
Deze moderatorvergadering was zeer vruchtbaar en kwam tot volgende conclusies:

1/ Alles goed met het forum
2/ Niet op de lauweren rusten en volgende vergadering niet te lang uitstellen
3/ Moderators van wijnfora behoren per definitie tot elkaars wijnbubbel.

Vakantie in eigen kot

Vakantie in eigen kot, ik hou er wel van.

Rustig opstaan wanneer het je past, ontbijten tijdens het lezen van de digitale versie van de krant, daarna eventueel wat huishoudelijk werk (meestal niet meer dan wat opruimen) en dan lezen. La Peste van Camus is bijna uit, Patti Smiths vervolg op Like Kids, M Train, ligt al klaar (merci bookoe Vincent…).

Wat lezen op La Passion du vin ook, is altijd leerzaam of op zijn minst ontspannend. Ik betaal met plezier 20 euro per jaar om het onderhoud van dit prachtforum te helpen financieren.

En als je zo een hele dag thuis zit is het enorm leuk om eens in de kelder (gekoelde garage in mijn geval) rond te snuisteren.

Het gebeurt niet veel meer, maar gisteren had ik plots zin in een ouderwetse Bordeaux. Niet éen op dronk, maar zo eentje uit een topjaar van pakweg een jaar of 10. Geen topper, maar een prijs-kwaliteitswijntje dat ik ooit aan een mooie prijs had kunnen scoren.

Ik ging mijn rijen 2010 af (heb er wel een 60-tal, meestal kleinere domeinen, omdat die in topjaren soms groot kunnen zijn) op zoek naar een wijn waarvan ik er nog meerdere heb liggen.

Voila, gevonden, 5 flessen Les Grands Chenes van onze houtwijnworm Bernard Magrez.

Een wijn die we tegenwoordig met lange tanden opentrekken. We zijn immers allergisch geworden aan overdreven hout en extractie, twee eigenschappen die voor Bernards wijnen even kenmerkend zijn als oogkleppen voor het voetvolk van Dries van Langhenhove.

En hup, het was zo ver. Een wijn die allerminst charmeert, getoaste toetsen a gogo, veel materie maar geen evenwicht en nog minder fraicheur. Tijdens het maken van het lekkere veggie gerechtje uit de Hello Fresh box probeerde ik een tweede glaasje (bij t koken durven wijnen wel eens beter te smaken) maar tevergeefs. De mond bleef droger dan de flamoes van Alexandra Colen. En da s droog zunne man!

Ja sorry, wou er even een Brusselmansmomentje insteken. Tiens, waar hangt die flagrant flamingante zuurpruim eigenlijk uit? U wil het niet weten, zegt u? Tuurlijk, ik begrijp u volkomen.

Exit Colen, herintrede Magrez.

Op dag twee had ik nog weinig zin in deze wijn, maar noblesse oblige, gewoon weggieten doen we niet want het zou niet de eerste keer zijn dat een wijn wonderbaarlijk verandert na een aangepaste coronabehandeling (toedienen van zuurstof).

En jawel, het wonder geschiedt. Het hout is in de neus veel minder opdringerig, het zwarte fruit wringt zich naar voren, de getoaste toetsen zijn vervangen door tabak en zoethout.

De mond vertoont nu een onverhoopte fraicheur, voelt bijna sappig aan en is opengebloeid zoals Luc Appermont na zijn coming out. De afdronk blijft vergelijkbaar met onze grootste mannelijke VRTcoryfee. Die trok ook nog een klein beetje droog na zijn recente anuscorrectie.

Geef deze jongen (de wijn, niet de VRTcoryfee) nog een jaar of vijf en hij bevalt al op de dag van opentrekken. Deze laatste zin heeft niks te maken met de commotie rond de aanpassing van de federale abortuswet. Wél met het kindje uit 2010 van Bernard Magrez, die we bedelen met een welverdiende score van 88+.

Heevie Teusted PostCovidversie

Mijn vorige uitnodigingsmail voor de Heevie Teusted sessie bij me thuis had ik de titel gegeven “Bij leven en Welwijn”.
Dat was half februari en er waren al enkele symptomen dat er ons rare tijden te wachten stonden..
Mijn voorspellende titel bleek uit te komen. Uiteindelijk kon deze blijde gebeurtenis niet doorgaan (correct woordgebruik, vinejo! ©Jan Hautekiet) omdat de overheid een complot had gesmeed om wijndegustaties te saboteren.

We dienden dus vanaf een bepaald moment allen te zuipen in ons kot, iets wat we sowieso wel eens sporadisch deden. Maar…een echt goede zuiper wordt nerveus als hij zijn zuipsels niet met anderen kan delen.
Wie in deze seutentijd (© Jordaens) het woord zuipen in vorige alinea ongepast vindt vervange het geheel eigenhandig door drinken en drankjes.

Het werd een periode waarin een groot aantal wijnzotten nerveus werden omdat ze het gezopene zó lekker vonden en er niemand was om dat te bevestigen.
Na enige tijd bond onze grootste anarchist dan ook de kat de bel aan en stuurde een mail dat het maar moest gedaan zijn met al die angst en smetvrees. De titel van zijn mail was heel genuanceerd “Heevie Godverdomme!”

Zoals op vorige foto te zien heeft deze zachtmoedige anarchist een grote tuin tot zijn beschikking en wat interessant was: ook een grote zolder, waar we desnoods met 5 of 6 toch nog op respectabele afstand konden drinken en spuwen.
Als extra teaser beloofde de gastheer zijn flink uit de kluiten gewassen gasBBQ te gebruiken om ons van hapjes en maaltijd te voorzien.

Maar voor de wijnen was het mijnen toer.

Gezien het nog nooit was gebeurd dat we elkander 4 maanden na elkaar niet hadden zien drinken besloot ik niet met een indrinkertje te beginnen maar wel met een wijn die ik tot mijn 5 favoriete huizen in wit durf rekenen.
WIT
Gerard Bouley, Clos de Beaujeu 2014
Was het de wijn? Was het de uitmuntende jaargang? Was het de opluchting dat er uiteindelijk tóch niet zoveel was veranderd?
Feit is dat elke proever quasi lyrisch werd bij het sippen aan dit heerlijk goedje. Vince herkende de stijl van een “grote sauvignon blanc”. En dat was het ook. Als sauvignon goed gemaakt is (dus rijp geplukt) is het mijn lievelingsdruif in wit…
De recentste TN op CT, geschreven door een heer met de vreemde naam DRROBVINO, beschrijft de wijn zeer accuraat:
94 Points
1st bottle of 4. What a wine. Just entering into the drinking window, this wine shows tense pink grapefruit, chalky minerals, grass/hay, acacia flowers, lemon zest. Just lovely, classic, delicious. Long finish with bright acidity and citrus zing, showing off a bit of hay and minerals alongside tense citrus fruit. Drink this beauty over the next 10-15 yrs, IMHO.
Wij gaan daar totaal mee akkoord (ok, ook wel wat uit luiheid). 94 dus voor de eerste wijn. Deze score zou slechts nog door 1 andere wijn worden geëvenaard

Briday Rully premier cru Gresigny 2015
Hier een totaal ander type wijn, krachtiger, met vooral de nog jonge (maar mooie) houtlagering die opviel. Alle proevers waren onmiddellijk zeker met een chardonnay te maken te hebben, en dat klopte dan ook. Men zat in de Beaune, een ander in Maconnais, maar het ging dus om een Challonais, een Rully van het hoogst aangeschreven perceel in de streek, Gresigny.
90

Pour faire le pallet des rouges had ik nog een halfje Castagnier pinot noir 2016 overgehouden, de wijn werd herkend en waardig geacht.

ROOD 
Domaine La Pousse d Or, Santenay Clos des Tavannes 1 r cru 2014
Een licht gehyped domein, was zelf benieuwd want zoals al mijn medelurkers had ik dit nog niet gedronken. De wijn had na enig opschudden een mooi aroma van rood en zwart fruit en mineralen. In de mond veel spanning, misschien nog net iets te streng, de gelaagdheid van de wijn toonde dat hij een paar jaartjes te vroeg was geopend. 90-91

Jammer genoeg was ik de challenger thuis vergeten. Ik.had me wat moeten haasten en nam enkel de flessen mee die ik op voorhand al geopend had. Eén wijn had ik bewust niet geopend omdat die telkens na het openen zo lekker is. En daardoor in mijn haast laten staan..L Aurage van Mitjaville had ik nochtans heel graag eens naast een topBourgogne gezet…

Robert Chevillon Nuit St Georges 1r cru Les Chaignots 2011
Het werd even stil terwijl men de neus in het glas stook. “Je wordt als het ware in het glas getrokken”zei iemand. Nadat we hem er terug uit hadden gevist sprak hij van geplette aardbeitjes, grafiet, kruidig, iets vegetaal..
De wijn is subtiel rijp, alles zit heel juist, zacht en mooie lengte. Toch vond Erik een groene of licht vegetale toets die erop wees dat dit niet uit het allerrijpste jaar afkomstig is. “2011 misschien?” opperde erik bescheiden als altijd. Ik kon enkel respectvol het hoofd buigen en bevestigen dat zijn bevindingen klopten. Ondanks het licht vegetale (wat uiteindelijk eigenlijk niemand stoorde) gaven we de wijn gezamenlijk 94 punten!

Na de Chevillon 2011 plaatste ik een wijn waarvan ik dacht dat hij hem ging overtreffen.
Pialade 2011
Nochtans kwamen er niet onmiddellijk enthousiaste kreetjes of uitdrukkingen na de eerste snuifjes. Het aroma was inderdaad een stuk minder fijn dan dat van de Bourgogne. In de mond vond ik m dan weer wél de verwachtingen inlossen, maar de sfeer was gezet, iedere ander proever zat nog teveel met de Bourgogne in het hoofd.
Kruidiger en (nog) rijper, heel mooie lengte. 91

Een fles die me al heel lang “ de ogen uitstak” was de Chateau des Tours 2005. Deze fles dateert nog uit de tijd dat Dirk Grandry me deze wijnen deed ontdekken, de tijd dat de vdp nog 8 euro en de CDR 12,5 euro moest kosten. Winkelprijs dus hé. 
Ik had deze oerfles altijd bewaard om de houdbaarheid van deze wijnen te kunnen inschatten. Ik herinner me dat ik de 2005 jong alvast schitterend vond. Dat kan je ook lezen op de blog van deze vinejo-kloon in het Engels (en waar ik nu zelf ontdek dat de vdp 8,70 euro had gekost), een post uit 2009:

http://vinejo.blogspot.com/2009/08/chate…tours.html

Ik vond het dus interessant om
1/ de CDR ná de Pialade te schenken om te kijken of de Lustige Lurkers Des Tours zijn meesterhand zouden ontdekken
2/ te kijken hoe deze wijn op 15 jaar is geëvolueerd.
3/deze CDR naast een (goede) Chateauneuf te zetten om te kijken of deze “gewone” Cotes du Rhone het niveau van een CH9 haalt

Antwoord op 1: Jawel hoor!
Antwoord op 2: Ongelooflijk. De wijn lijkt 5 in plaats van 15 jaar oud. Fris, met zijdeachtige tannines, evenwicht, gewoonweg áf. Zowat de beste CDR ooit gedronken.
Antwoord op 3: Ja dus, hoewel de Charvin Chateauneuf 2005 ook zeer goed presteerde (en nog beter toen ik in de late uurtjes tijdens filosofische gesprekken met pvdw de kliekjes uit de flessen wrong.) de Charvin was kruidiger, had meer “beet” maar leek ook verder geevolueerd (wat impressie van dode bladeren).
We scoorden gezamenlijk beide wijnen 92.

Twee prachtige wijnen van 15 jaar oud, maar in de wereld der betere wijnen is dat eigenlijk middelbare leeftijd.
Tijd dus voor een duo dat toch al eerder richting pensioenleeftijd ging.

Domaine Chamonard, Morgon 1997
Ik had deze fles mogen kopen bij mijn (4 uur durende) bezoek vorige zomer. Twintig euro vroeg hij ervoor, dat de,t lang niet zijn stokagekosten vermoed ik 😉
De wijn rook naar zachte specerijen, bos, rozijntjes, munt.
Zacht en strelend in de mond, zuurtjes naar het einde toe.
Wie zei ook alweer dat Beaujolais niet kan ouderen….? 
90

Charles Joguet, Clos de la Dioterie Chinon 1998
Wie het boek van Kermit Lynch las kent deze wijnmaker (zie foto onderaan, uit het boek “Adventures on the wineroute”.
Wanneer ik de Loire bespreek in de wijnles durf ik wel eens uit dit boek citeren. En dan zeker als ik een wijn schenk van Joguet.

“ Niet alleen maakt Joguet goede Chinon, hij is ook een van de weinigen in dit vak die wijnen maken die je zowel esthetisch, spiritueel en intellectueel als zintuiglijk weten te boeien. Je krijgt de indruk dat Charles tot het uiterste gaat en bereid is om risico s te lopen en verlies te nemen, zolang hij zijn magie maar mag bedrijven.
Wie wel eens een optreden van Judy Garland heeft bijgewoond begrijpt wat ik bedoel.de emotioneleoverve waarmee ze tijdens zo een concert een nummer voor het voetlicht brengt en zich helemaal geeft, doet me denken aan Charles. Hij brengt een wijn zoals een artiest een lied of act. Hij weigert op safe te gaan en zou een hele cuvee kunnen verspelen omdat hij tijdens de vinificaties even aan het improviseren sloeg, of gehoor gaf aan een plotselinge inval die niet helemaal uitpakte zoals hij had gehoopt.
Zijn wijn doet iets met je dat je tot op zekere hoogte begrijpt maar niet kunt verwoorden.” 

Ik zal dus niet trachten te verwoorden wat deze wijn met ons deed. Wel wil ik vermelden dat men dacht aan een grote Bordeaux die door zijn finesse toch Bourgognesk aandeed. Margaux, dacht Vince.
In dat verband is het grappig dat ik wat verder in het boek (tja, je blijft lezen, je kent dat) las dat éen van zijn klanten over de Chinon sprak als die “Bordeaux-Beaujolais van u”.

Vandaag is dit huis in handen van Amerikanen, met alle gevolgen vandien (minder charme, meer geld, duurdere wijn).

Chateau Lagrange Saint Julien 2003
Ik herinnerde me deze wijn in zijn jeugd als uitzonderlijk goed.
Ooit, in 2008 of zo, ben ik tijdens de syntra wijnles naar huis gereden om een Lagrange 2003 te gaan halen en te laten proeven. Dominique, onze lesgever toen, had namelijk een Zuid Afrikaanse wijn geschonken waarvan hij zei: “Dit is nu een topwijn zie”.
Bordofiel als ik toen was reageerde ik dat ik dit echt geen topwijn vond, en dat ik even thuis een echte topwijn zou halen en laten proeven.
Jammer genoeg was de wijn op dat moment wat gedomineerd door het hout en was ik ontgoocheld dat het pure hedonisme van zijn prille jeugd wat was verdwenen.
Ook 17 jaar na de oogst was dit niet meer de absolute topper die ik erin had gezien, de wijn was wel heel goed uiteraard (wie dronk ooit een slechte Lagrange?) maar scoorde “slechts” 90-91.
Misschien kwam dit mede omdat zijn uitdager zo ongelofelijk goed was.

Clos Mogador Manyetes Priorat 2003
Wie bij Priorat nog steeds denkt aan fruitkruidige alcoholbommen moet dringend eens iets dronken van Clos Mogador. En liefst alsde wijn op dronk is, zoals deze 2003. Men dacht hier in eerste instantie aan een Hermitage.
Een harmonieuze topwijn, die Erik, nochtans een ervaren wijnrot (haha, we zullen hem vanaf nu Botritys noemen) durfde bestempelen als éen van de beste wijnen die hij al dronk.
94

Bij het heerlijke varkenshaasje van de grill met geitenkaas, appel, tijm en honing (pvdw had zijn best gedaan, blij als hij was dat ons normale leven (en dat is een leven met nu en dan een proeverij) weer was opgepakt)
schonk ik

Domaine de la Chevalerie Bourgeuil, “Vin de Garde” 2005
Een eenmalige cuvee, gemaakt door het huis in topjaar 05, met druiven van hun 2 allerbeste percelen, Chevalerie en Les Galichets.
Wat een wijn!
Bijna geen evolutie in de kleur, zwart fruit, tabak, grafiet. In de mond heel lang en complex, fris kruidig, licht droogtrekkent. Men dacht aan een zeer mooie Saint Emilion met redelijk wat cabernet franc (!). Het was niet Cheval Blac noch Figeac, het was een bescheiden wijn uit de Loire. 92

Chateau Phelan Ségur 2005
Benieuwd wat een overachiever en former cru bourgeois exceptionelle uit 2005 vandaag zou geven. Wel, dit viel heel goed mee. De wijn was wel ouder van kleur maar had een aantrekkelijk charmant aroma van munt en zoethout, was ook mooi fris in de mond met een mooie afdronk. Toch scoorden we hem een puntje lager dan de Bourgeuil.

Bij het geimproviseerde dessertje (pvdw wou ons zo lang mogelijk rond zijn tafel houden) schonk ik Les Contours de Deponcins 2016 van Francois Villard maar deze wijn had iets te weinig zuren om ons te bekoren. Deze (behoorlijk prijzige) Vdp is wisselvallig, soms schitterend, andere keren toont ie de minder mooie kenmerken van de viognier.

En zo eindigde een heerlijke namiddag in een zoete, mijmerende avond.
Je kon de opluchting bij hele Heevie Teusted team zien hangen in de zuivere lucht van het Meetjesland. 
Alles blijft bij het ouwe.
Alles komt goed.

Recent geproefd

(Met Vince)

Domaine de Touraize Les Moulins 2017- een blend van 2/3 chardonnay en 1/3 Savagnin. Het domein is in conversie naar biodynamie. In de neus doet dit denken aan een chenin blanc, de mond is mooi in balans en zeer zuiver. Heerlijk. 90

Michel Gahier Les Grands Vergers trousseau 2017 – zeer fijn en elegant, nobele mesttoetsen, zeer degustief, echt wel top hoor. 93

Denis Bachelet Pinot noir 2015: Rijp maar fris en krokant, heerlijke instapBourgogne. 89-90

Domaine Capreoles La Gourmandise 2018- Een Beaujolais zoals we ze wel lusten, wat een mooie, evenwichtige wijn, veel materie maar mooi verdeeld, deed ergens zelfs denken aan een klassevolle Saumur. 89-90

G. Barhod, chambolle Musigny 2011 De neus deed me eerst wat denken aan Bachelet, vooral door het vegetale aspect, maar dit was eerder te wijten aan de jaargang. Edch, wat een subliem sap was dit alweer…nog nooit iets gedronken van Barthod dat me koud liet. 91

(Met de schoonzoons)

Domaine de Touraize Cremant de Jura—- Prachtige schuimwijn met fijne bubbels en toch wat Jura karakter. Niet te rijk, ideaal als aperitief.

Chateau Lynch Moussas Pauillac 2010 —- Cabernetneusje met peper, cassis, leder en zoethout, in de mond lang en vol, met zeer rijpe tannines. Zo lusten we onze Bordeaux wel…. 91

Domaine Les Luquettes Bandol 2013— Alweer meer N rhone dan Bandol, enorm fris, rokerig, St Josephpeper, knapperig, perfecte tannines. 90